Oranje en Afghanistan

Het Nederlands elftal kamt met een probleem, dat is de verdediging. We hebben een goede voorhoede en goed middenveld, maar de verdediging is niet best. We zijn hierdoor sterk in de opbouw en in de aanval.  Toen ik dit zo hoorde na de laatste wedstrijd van het Nederlands elftal tegen Wales, dacht ik, dit komt mij zo bekend voor. Ja, ik wist het weer. De Nederlandse militairen die bezig zijn in Afghanistan. Als ik de mensen vraag die in Afghanistan zijn geweest, hoe het daar gaat, zeggen ze dit tegen mij: “De Nederlandse militairen doen goed werk daar, de opbouw van het land doen ze goed en als ze in de aanval moeten gaan om de vijand te verjagen kunnen ze dat goed, maar de verdediging, daarmee gaat het niet goed”. Hebben we dan geen goede verdedigers? Jawel, maar de tactiek werkt niet en daarom krijgt het Nederlands elftal veel te vaak en veel te makkelijk doelpunten tegen. Dan heb je dat ze hard werken in het veld, met goed overleg en toch gaat het fout. In Afghanistan krijgen we naar mijn mening te veel doelpunten tegen, terwijl dit niet nodig is. We verliezen te veel goede verdedigers in Afghanistan. Wat is daar dan de reden van, vraag ik me zelf af? Er wordt een verkeerde tactiek gebruikt. Ik hoorde van een bekende Nederlander die mee was geweest met de militairen dat als ze in de gaten krijgen dat de Taliban hun gaat aanvallen, ze zelf niet mogen terugschieten, maar dit doorgeven aan de Amerikanen. Terwijl de jongens wel degelijk goed kunnen verdedigen, mogen ze dit niet doen, omdat dit niet volgens de tactiek is van de leiding. Wanneer worden ze nou eens wakker bij het Nederlands elftal en bij de militaire leiding. Waarom denken we dat we alles maar met een goede opbouw en wat aanvallen kunnen winnen? Nederlanders gebruiken dezelfde tactiek op het voetbalveld als in een oorlog. Rinus Michels heeft waarschijnlijk toch gelijk, toen hij zei: “Voetbal is Oorlog”.