De officiŽle site van de Tilburgse Terrarium Vereniging
Verenigingsinformatie Verwijslijst het Terrarium Contact Beurs
Voorpagina
Aanmelden
Agenda
Advertenties
Wetgeving
Fotoalbum
Repweb Forum
Gastenboek
Artikelen
Sponsors

Danger! Crocodiles! No swimming!

 Peet Smetsers

Bovenstaande tekst is bekend bij iedereen die ooit in AustraliŽ was of er een natuurdocumentaire van zag. Iedere Australier heeft dan ook een heilig ontzag voor deze oerbeesten, of het moet `the Crocodilehunter` of `the Barefoot Bushman` zijn. (Beiden bekend van Discovery en sensatiezoekers van de bovenste plank, maar wel prachtig om naar te kijken!) Van deze angst voor krokodillen wordt, plaatselijk, op een wel erg bizarre manier gebruik gemaakt.

Danger! Crocodile! On your marks, get set, GO!?

Op het RTL4 nieuws van 9 oktober j.l. was het ongelooflijke verslag te zien van de wijze waarop ergens in AustraliŽ een krokodil wordt ingezet bij het trainen van jonge wedstrijdzwemmers. Het werkt even simpel als doeltreffend.
De sporters gaan te water in een lang wedstrijdbad en krijgen een voorsprong van ongeveer 10 meter. Dan wordt er een 2 meter lange krokodil in het water gelaten om zo de zwemmers tot grotere haast te manen!! Onnodig te zeggen dat ze er echt wel een schepje bovenop doen! Aan het eind van het bad klimmen ze als bezetenen uit het water, net voor de aanstormende kroko. De tijden blijken sinds de invoering van deze werkwijze beduidend sneller geworden te zijn. Tot zover het tv-verslag.
Wat er eventueel gebeurt met zwemmers die toch niet snel genoeg blijken of die bijvoorbeeld kramp krijgen, vertelt het verhaal niet.

Just kidding, mate

Uiteraard, het kan ook niet anders, bleek bij nadere bestudering van de beelden dat het om een zgn. Australische-, of zoetwaterkrokodil (Crocodylus johnsoni) gaat, een soort die nooit mensen aanvalt en zich voedt met vis. Beter zou het zijn om gebruik te maken van een zgn. `Salty` de zoutwater of Zee krokodil (Crocodylus porosus), de 9 meter lang wordende killer die jaarlijks alleen al in AustraliŽ goed is voor tientallen aanvallen waarvan behoorlijk wat met dodelijke afloop. Houd je die achter je bij het zwemmen, dan hoef je je bij de eerstvolgende Olympische Spelen geen zorgen te maken; die gouden plak is de jouwe. Blijf je hem niet voor; met enig (veel) geluk haal je de Paralympics nog, maar reken daar niet op!
Hoewel beide genoemde soorten nou niet bepaald geschikte terrariumdieren zijn maakt dat ze niet minder interessant om eens nader te bekijken. Al was het alleen maar omdat krokodillen de enige overlevenden zijn uit de langvervlogen periode waarin de dinosauriers de aarde overheersten, 265 miljoen jaar tot 66 miljoen jaar geleden. Laten we zeggen: een eerbetoon voor bewezen volharding en moed.

De Australische krokodil

De Australische of Johnston`s krokodil, Crocodylus johnsoni, werd genoemd naar Robert A. Johnston die het eerste exemplaar ving in Queensland rond 1870. Door een ongelukkige spellingsfout in de documentatie van de soort-beschrijving verviel de `t` in johnstoni. De regels verbieden om een eenmaal geaccepteerde soortnaam te veranderen zodat de dieren sindsdien C. johnsoni heten. Het verspreidingsgebied bestrijkt geheel Noord-AustraliŽ van het gebied rond de Fitzroy rivier in West-AustraliŽ, via Northern Territory tot in Queensland.
Deze soort komt voornamelijk voor in zoet water; in de bovenloop van rivieren en in de poelen die daar ontstaan als in het droge seizoen grote stukken rivier opdrogen. In het natte seizoen als grote delen van het omringende land onder water komt te staan verspreiden de krokodillen zich over de graslanden en bossen. Als het droge seizoen weer aanbreekt zoeken ze de nog water bevattende poelen op waarbij soms tot wel 40 km afstand overbrugd wordt om een poel te bereiken die in voorgaande jaren ook gebruikt werd en waarvan ze nog weten dat daar een gerede kans op water is. Als het extreem droog wordt, graven ze zich in in holen in de oever. Bij een dergelijke droogte blijkt dat in geval van nood ook brak of zelfs zout water niet geschuwd word. Op plaatsen waar de Zoutwaterkrokodil, C. porosus, verjaagt of uitgestorven is blijken de Johnston`s zelfs tot net in zee voor te komen. Waarschijnlijk is hun gebonden-zijn aan zoet water meer een kwestie van niet opgewassen zijn tegen de, veel grotere en agressievere, Zoutwater krokodil dan een kwestie van gebrek aan aanpassing.
Met zijn bruine bovenzijde en vaal-bruine onderkant is de Zoutwater krokodil ondanks wat donkere banden over staart en zwaar bepantsterde rug niet echt een opvallende verschijning. Jongen zijn een helderder gekleurde uitvoering van de ouders en uiteraard erg behendig in het water maar ook heel snel op het land.
De snuit is lang en taps toelopend, er op duidend dat hij vooral in het water leeft en zich daar voedt met vis, amfibieŽn en schildpadden. Deze worden over het algemeen met een snelle zijdelingse hap verrast. Als de gelegenheid zich voordoet worden ook watervogels en kleine zoogdieren gegrepen.

Ongevaarlijk

De gemiddelde volwassen lengte bedraagt ongeveer 2.5m voor mannetjes en 2.1m voor vrouwtjes. Dieren van 3m lengte komen voor, doch slechts zelden. In sommige gebieden bestaan dwerg-populaties van C. johnsoni. Men denkt dat het periodieke voedseltekort in het droge seizoen de oorzaak is van deze aanpassing van kleinere krokodillen. De dieren blijken kleiner in de richting van de bovenloop van de rivieren, hoe minder voedsel er is, hoe minder de krokodillen groeien.
Ondanks dit toch redelijke formaat en bijpassende kracht en gebit komen aanvallen op mensen nooit voor. Er zijn wel beetincidenten bekend; het gaat dan om gevallen waarbij een nest verstoord werd of getracht werd een dier te vangen, dus verdediging of afweergedrag.
Mannetjes zijn geslachtsrijp na dertien of veertien jaar, vrouwtjes al als ze elf jaar oud zijn. Het nest is niet meer dan een gegraven hol in de rivieroever, dit in tegenstelling tot de meeste andere krokodilsoorten die echte nesten bouwen van allerlei plantaardig materiaal zoals gras, bladeren en takken. De Zoetwaterkrokodil legt 12 tot 18 eieren in het vochtige zand en dekt dit enigszins toe. Na een maand of drie komen de eieren, als ze al niet gestolen zijn door b.v. varanen, uit. Het vrouwtje draagt de jongen indien nodig naar het water en beschermd ze daar de eerste maand van hun leven. De overlevingskans voor de jongen van deze soort is extreem klein, men berekende dat ongeveer 96% van de jongen er niet in slaagt om 2 jaar oud te worden. Vogels, wilde varkens, grote vissen en schildpadden eisen een erg grote tol onder de pasgeboren C. johnsoni`s.

De Zoutwater- of Zeekrokodil

Crocodylus porosus is de meest verspreide van alle krokodillen. Hij komt voor in de tropische streken van AziŽ en de Grote Oceaan. Dat gebied loopt van de onderste punt van India, via MaleisiŽ en geheel IndonesiŽ met aangrenzende eilanden, tot aan Noord-AustraliŽ. Zelfs in Zuid-China schijnen al exemplaren gesignaleerd te zijn. Soms worden ze ver in zee nog aangetroffen; deze soort heeft de Cocos-eilanden, 1000 km van het dichtstbijzijnde land verwijderd, al bereikt.
Ondanks zijn naam is de porosus niet gebonden aan zout water, op Nieuw-Guinea zijn ze zelfs tot 1100 km landinwaarts aangetroffen in meren en rivieren.
Volwassen dieren varieeren qua kleur van grijs en beige tot donker olijfgroen, vaak met grote zwarte vlekken op de rug en flanken. De mate waarin deze zwarte kleuring voorkomt heeft te maken met de natuurlijke achtergrond van het gebied waar ze opgroeien. Ook jonge `Salty's` zijn helderder van kleur met op de staart donkere vlekjes en blokjes die soms, aaneengesloten, een bandering vormen.
De zoutwaterkrokodil is de grootste en gevaarlijkste krokodillensoort, uitgroeiend tot wel 9 m als ze lang genoeg leven (ongestoord in een voedselrijk gebied). De grootste bekende en betrouwbare lengte is die van een `heilige` krokodil die in het begin van deze eeuw vereerd werd in Noord-Borneo en wiens afdruk op een zandbank, die hij gebruikte om te zonnen, in 1920 op 10 m werd vastgesteld. In 1957 werd een Zoutwaterkrokodil van 8.64 m gedood. Ook de gewichten liegen er niet om; een 5 m lang exemplaar dat in 1960 geschoten werd woog al 1088 kg.
Het dieet van de Zeekrokodil is makkelijk te omschrijven; alles wat vlees bevat en te dicht in de buurt komt. Jongen eten o.a. insekten, vissen, hagedissen en slangen. Volwassen dieren eten elk levend wezen dat zich te dicht bij het water begeeft, ongeacht de grootte en inclusief mensen. Wilde varkens, apen, kangoeroes, panters, huisdieren (b.v. honden, katten en paarden) en zelfs waterbuffels worden met grote regelmaat gegrepen, onder water getrokken, aan stukken gescheurd en verorberd. Nodeloos te zeggen dat hetzelfde met mensen gebeurd!
Crocodylus porosus is na tien tot vijftien jaar geslachtsrijp. Voor mannetjes betekent dat bij een lengte van ongeveer 3 m en voor vrouwtjes bij een lengte van plm. 2 m. De eieren, 20 tot 90 in getal, worden gelegd in een door het vrouwtje gebouwd nest van 2.5 m in doorsnee en een hoogte van 90 cm. Na 13 weken komen de jongen uit, daarbij geholpen door de moeder die het nest steeds nauwlettend in de gaten heeft gehouden. Eenmaal in het water, worden de jongen nog tweeŽneenhalve maand beschermd.

Menseneter

De slechte reputatie die de Zeekrokodil in de loop der tijd heeft opgebouwd en die hij alleen met de Nijlkrokodil, Crocodylus niloticus, uit Afrika hoeft te delen, is niet ten onrechte. Weinig of geen soorten binnen het complete dierenrijk zijn zo meedogenloos als deze prehistorische `survivors`.
Van dieren die in gevangenschap gehouden worden is bekend dat ze voor hun verzorger in hinderlaag gaan liggen en hem aanvallen als-ie te dicht bij het water komt, om zodoende een welkome uitbreiding op het menu te verschalken. Dierenpark-exploitanten als The Crocodilehunter en The Barefoot Bushman maken van deze eigenschap dankbaar gebruik bij de dagelijkse shows in hun park (en op TV), waarbij ze zich binnen het verblijf van een krokodil begeven en hem in emmers en hoeden laten bijten. Een perforator is er niks bij!
In de vrije natuur doodt Crocodylus porosus naar schatting jaarlijks tenminste 1000!! mensen. Het grootste bloedbad dat door deze krokodillen werd aangericht vond plaats aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Bij de herovering van Birma hadden de Britten een legermacht van ruim 1000 Japanse soldaten naar de kust gedreven. In hun paniek vluchtten de verslagenen een groot mangrovemoeras in tussen Birma en het eiland Romree. In de nacht vielen de Zeekrokodillen aan en de volgende ochtend bleken slechts 20 Japanners het te hebben overleefd. Bij de grote overstromingsrampen die zich de laatste jaren vaak voordoen in de tropische Aziatische regionen en waarbij vaak honderden mensen verdrinken komen ook steeds weer de Zeekrokodillen ter sprake die zich tegoed doen aan de menselijke resten. Ook bij een groot ongeluk in 1997 met een gekapseisde veerboot deden de killers zich gelden: ook hier vielen vele slachtoffers aan de sterke kaken ten prooi. In AustraliŽ, waar alle aanvallen nauwkeurig geregistreerd worden, blijkt het strenge beschermingsbeleid een negatief effect op het aantal aanvallen door porosus te hebben. M.a.w. er komen steeds meer meldingen van aanvallen op mensen, al dan niet met dodelijke afloop. Dit komt doordat de vroeger fel bejaagde dieren in aantal flink waren afgenomen en de overblijvers zich in de meer afgelegen gebieden uit de buurt van de mens hadden teruggetrokken. Door een gestage groei van de populaties, doordat ze niet meer gejaagd mogen worden, wordt de ruimte te klein en trekken de dapperste weer naar de door mensen bevolkte gebieden. Meldingen van vissers die, nietsvermoedend, zelfs op 1.5 m boven het water, van hun boot of stoeltje geplukt werden zijn er dan inmiddels ook in overvloed. Surfers en zwemmers lopen natuurlijk het meeste risico. Om het gevaar en de overlast voor de bevolking zoveel mogelijk te beperken is er een speciale dienst aangesteld die krokodillen die zich te ver in bewoonde gebieden hebben gewaagd, vangt en in afgelegen gebieden weer loslaat. In een documentaire op Discovery van The Barefoot Bushman toont een amateurfilm hoe een gevangen, twee en een halve meter lange, Zeekrokodil de hand van een ranger te pakken krijgt, zich razendsnel enkele keren om zijn lengte-as draait en daarbij naast het afrukken van de hand diens beide onderarmbotten verbrijzelt. De uitdrukking: `Je kunt op je vingers natellen...í enzovoort ging voor hem niet meer op!

Besluit

Na deze uiteenzetting mag duidelijk zijn waarom er geen Zoutwaterkrokodil bij de zwemles gebruikt wordt. Toch zou dat geen slecht idee zijn: kwestie van natuurlijke selectie, de sterksten (in dit geval de snelsten) overleven, de rest...nou ja... die hadden de Olympische spelen sowieso nooit gehaald.

Literatuur

Bovenstaande gegevens werden ontleend aan boeken uit de TTV-bibliotheek. Hierin vind je naslagwerken met informatie over alle facetten van de hobby. Maak er ook eens gebruik van, je zult je verbazen over de hoeveelheid informatie die je er kunt vinden. Ik gebruikte de volgende boeken:

*Alligators & Crocodiles door Malcolm Penny.

*Alligators & Krokodillen door Leonard Lee Rue III.

*Slangen, Krokodillen en Hagedissen uit de reeks De Wondere Natuur.