De officiŽle site van de Tilburgse Terrarium Vereniging
Verenigingsinformatie Verwijslijst het Terrarium Contact Beurs
Voorpagina
Aanmelden
Agenda
Advertenties
Wetgeving
Fotoalbum
Repweb Forum
Gastenboek
Artikelen
Sponsors

Wetgeving


Voor informatie en voor eerste hulp bij wetgevingen komt hier binnenkort een uitgebreid artikel van de werkgroep WETGEVING van de TTV.

Momentje geduld AUB!

De ESF en de opvang van reptielen en amfibieŽn. Versie 2,
juli 2004

.

VOORAF

Allereerst wordt opgemerkt dat de European Studbook Foundation (ESF)(

www.studbooks.org) gťťn opvangorganisatie is voor overtollige of in beslag genomen (IBG)reptielen en amfibieŽn. Wel werkt de ESF mee aan het plaatsen bij geselecteerde particulieren van deze dieren, die afkomstig zijn van TSA-Europe en/of LASER/IBG. Deze medewerking wordt slechts verleend indien en voor zover ruimte en medewerking bij die particulieren door de ESF is vastgesteld.

INLEIDING EN WETGEVING

Sinds geruime tijd is de westerse samenleving ervan overtuigd dat ter behoud van de natuur, haar landschappen en diverse soorten planten en dieren, maatregelen ter bescherming moeten worden genomen. Dit heeft onder meer geleid tot oprichting van wereldwijde, continentale en landelijke of plaatselijke belangenorganisaties, maar ook tot beschermingswetgeving. Zo is er op mondiaal niveau CITES (Convention on International Trade in Endangered Species of wild fauna and flora,

www.cites.org ). Deze regelgeving richt zich speciaal op de handel in beschermde dieren plantsoorten, zoals de naam ook aangeeft. Dit leidde tot Europese wetgeving, die veelal ruimer is door ook bepaalde gebieden te beschermen (Habitat-richtlijn, EU-Basisverordening, diverse EG-verordeningen) alsmede tot landelijke regelingen (bv. de Flora- en Faunawet in Nederland, www.minlnv.nl ).

Vaak waren in landen al bepaalde regelingen gemaakt, bijvoorbeeld de Wet ter bescherming van Inheemse/Uitheemse dier- en plantensoorten (BIDEP en BUDEP) in Nederland (

www.minlnv.nl ). Deze regelingen worden nu stapsgewijs opgenomen in een overkoepelende wet: de Flora- en Faunawet.
Zo kan het dus voorkomen, dat op een bepaald gebied diverse (hoofd)regelingen van toepassing zijn. In Nederland wordt voor schildpadden de EU-Basisverordening als uitgangspunt genomen.

De hoofdregelingen worden verdragen of wetten genoemd en zij stellen allemaal zo hun eigen regels. Vaak heeft zoín verdrag of wet een eigen lijst van de onder dat verdrag of die wet beschermde dier- en/of plantensoorten. Meestal komen in dit soort lijsten ook reptielen en/of amfibieŽn voor. Zo kan een beschermd dier, zowel onder de CITES, en onder de Europese regelgeving als onder de Nederlandse wetgeving vallen. Anderzijds zijn er ook dieren, die allťťn in de Nederlandse wetgeving zijn opgenomen. Aangezien de in Nederland voorkomende beschermde reptielen en amfibieŽn al beschermd zijn door de CITES, dan wel de Europese regelingen, zijn deze dieren niet nog eens expliciet opgenomen in de Nederlandse wetgeving. Wel worden er in de Nederlandse regelgeving bijvoorbeeld bepaalde soorten mieren genoemd (Natuurbeschermingsregelingen). Voorts zijn er de nieuwe Flora- en Faunawet en de Gezondheids- en Welzijnswet Dieren.

Al met al maakt dit voor liefhebbers het houden van reptielen en/of amfibieŽn er niet gemakkelijker op. Nederland is verplicht om een dier dat in de CITES of de Europese regelgeving is beschermd ook in Nederland te beschermen. Dat geldt hetzelfde voor andere landen, die zich bij de CITES hebben aangesloten, dan wel onder de Europese regelgeving vallen. Ook die EUlanden, en zelfs landen die niet onder de Europese regelgeving vallen of geen CITESondertekenaar zijn (wat echter maar zeer zelden het geval is), kunnen echter speciale beschermingsrichtlijnen gesteld hebben of stellen. In dat geval kunnen er dus andere regels gelden. Als voorbeeld kan gegeven worden de specifieke beschermingswetgeving in India uit 1972, de Indian Wildlife Act, welke al van kracht was voor het CITES-verdrag. In deze wet is bijvoorbeeld de Geochelone elegans (Indische sterschildpad) en de Geoclemys hamiltoni Driekielstraalschildpad) onder de zwaarste beschermingsmaatregelen opgenomen.

DOEL ESF

Maar niet alleen op regeringsniveau, doch ook door particuliere instellingen en particulieren worden en werden ter bescherming acties ondernomen. Hierbij kan als voorbeeld dienen het Wereld Natuurfonds (WNF), maar ook elke belangenbehartiger van reptielen- en/of amfibieŽnsoorten (al dan niet beschermd). Al deze organisaties hebben in elk geval ťťn ding gemeen: ze beogen allen op hun specifieke terrein de bescherming, het behouden, het soort genetisch zuiver houden, het doen van kweekpogingen te stimuleren, het wederom in de natuur terug plaatsen e.d. te bereiken. Dit is ook het doel van de ESF.

Het doel van de ESF staat vermeld in artikel 2 van de Statuten, terwijl in artikel 3 wordt aangegeven op welke wijze de ESF haar doel wil trachten te bereiken (voor de Statuten van de ESF, zie

www.studbooks.org ) .

Kortheidshalve komt het erop neer, dat de ESF ten doel heeft ďaangewezen reptielen en amfibieŽnĒ, die in gevangenschap worden gehouden, te registreren en te bevorderen dat er met deze dieren op een verantwoorde wijze wordt gekweekt (door het stellen van regels). Maar daarnaast ook: zorgen dat aanwezige dieren en de populaties in gevangenschap gezond blijven. Daarnaast richt de ESF zich binnen de statuten ook steeds meer op het opvangen van dieren, welke in beslag genomen zijn en welke niet (direct) terug in de natuur kunnen worden geplaatst. Bij die opvang stelt de ESF echter wel voorwaarden (zie voor het beleid van de ESF het begin van dit artikel).
Deze doelen tracht de ESF onder meer te bereiken door een systeem van stamboekhouders/fokprogrammaís en samenwerking.


STAMBOEKHOUDERS.

Een stamboekhouder heeft twee taken, te weten de registratie van een populatie van dieren in gevangenschap en de ontwikkelingen daarin en daarnaast het adviseren van het ESF bestuur over de lokaties waar in beslag genomen dieren kunnen worden geplaatst. Tevens geeft hij/zij fokadviezen aan de stamboekdeelnemers, welke gebaseerd is op het gezond en genetisch zuiver houden van de stamboekpopulatie. Dit doet hij/zij door gebruik te maken van een door de ESF beschikbaar gesteld computerprogramma. Daarnaast is hij/zij de eerst spreekbare persoon voor houders van die soort dieren, als er vragen of problemen zijn (voor een lijst van stamboekhouders zie

www.studbooks.org). Uitdrukkelijk wordt opgemerkt, dat de ESF gťťn eigenaar wordt van dieren welke reeds in bezit zijn of later in het bezit komen van een stamboekdeelnemer. Uitzondering hierop vormen dieren die door de ESF ter verzorging aan een stamboekdeelnemer worden aangeboden. Deze laatste dieren zijn en blijven eigendom van de ESF.

Personen die aan een stamboek willen gaan deelnemen worden met open armen ontvangen en kunnen zich Aanmelden bij de desbetreffende stamboekhouder of bij de coŲrdinator stamboekhouders (Voor e-mailadressen zie

www.studbooks.org). Ook mensen, die graag stamboekhouder willen, kunnen zich voor informatie tot de coŲrdinator stamboekhouders wenden.

In eerste instantie was de ESF uit praktische overwegingen gemakshalve op Nederland gericht en op particulieren. De voorloper van de ESF is de Stichting Overkoepelend Orgaan Stamboeken (OOS).

Inmiddels zijn contacten gelegd met particuliere houders van een diersoort in diverse landen van Europa. Dit heeft tot gevolg, dat er inmiddels ook buiten Nederland stamboekhouders staan geregistreerd (BelgiŽ, Duitsland, Engeland, ItaliŽ en Oostenrijk). Thans wordt onderzocht of er landelijke steunpunten kunnen worden gerealiseerd.

Er wordt tevens naar gestreefd om via de EAZA, de European Association of Zoos and Aquaria (de overkoepelende organisatie van dierentuinen en aquaria,

www.eaza.net) en persoonlijke contacten te bereiken, dat de soorten van reptielen en amfibieŽn welke in dierentuinen worden gehouden, opgenomen worden in het stamboek.

Om de informatie zoveel mogelijk toegankelijk te houden wordt ernaar gestreefd deze in verschillende talen beschikbaar te stellen via

www.studbooks.org . De internationale voertaal is Engels. Voor Nederland wordt als voertaal het Nederlands gebruikt. Indien gegevens in het Duits worden aangeleverd kan eventueel worden besloten de gegevens (ook) in deze taal ter beschikking ter stellen.

SAMENWERKING.

In de Statuten van de ESF staat ook, dat de stichting haar doel wil bereiken door samenwerking met binnen- en buitenlandse organisaties, die hetzelfde doel nastreven. Hierbij kunnen twee voorbeelden worden genoemd:

ē

Nationaal.

Deze samenwerking vindt plaats door contacten te leggen met belangenverenigingen als ďLacertaĒ (een sponsor van ESF, www.lacerta.nl ) en de ďNederlandse SchildpaddenverenigingĒ (NSV, tevens een sponsor van ESF , www.trionyx.nl ). Er zijn activiteiten in ontwikkeling om regelmatig in de publicaties van deze verenigingen (en andere belangenverenigingen) Artikelen ter plaatsing aan te bieden.

Daarnaast poogt de ESF opbouwende contacten te leggen met de Nederlandse overheidsinstanties, die zich met hetzelfde doel bezighouden.

Binnen het Ministerie LNV is een agentschap belast met verregaande bevoegdheden inzake alle uitvoering van wetgeving op het terrein van natuurbescherming: het Landelijk Agentschap voor Service En Registratie (LASER) (Voor nadere informatie hierover zie de website

www.minlnv.nl of www.om.nl en andere sites die gevonden kunnen worden door in het zoekprogramma van uw computer het woord ĎLaserí in te tikken en de zoekopdracht te geven.).

Opbouwende contacten worden onderhouden met het LASER CITES-bureau en LASER/IBG, alsmede met het Ministerie Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV,

www.minlnv.nl), afdeling wetgeving.

Niet alleen op het gebied van regelgeving (EU-Basisverordening, gebaseerd op de CITES) probeert de ESF in overleg te treden met de betreffende organisaties. Zij tracht binnen haar doelstellingen daarnaast een oplossing te bieden in het geval zich een probleem voordoet met in Nederland in beslag genomen dieren.

Op het terrein van beschermde reptielen en amfibieŽn heeft LASER een taak om invoer- en uitvoervergunningen te verstrekken op grond van CITES en de EU-Basisverordening, alsmede de Nederlandse wetgeving (LASER/CITES bureau te Dordrecht). Voorts verstrekt hetzelfde bureau vrijstellingen en ontheffingen voor het houden van deze beschermde dieren in Nederland.

Ten slotte heeft LASER/IBG (IBG: In Beslag Genomen dieren te Diemen) een taak bij het bewaren en plaatsen van in beslag genomen dieren. LASER heeft overigens nog velerlei taken die hier verder niet worden genoemd.

ē

Internationaal.

Er bestaan zeer nauwe contacten met de Turtle Survival Alliance (TSA ,www.turtlesurvival.org ), welke haar hoofdbestuur heeft in de USA en hetzelfde doel nastreeft als de ESF. De TSA werkt wereldwijd met drie onderafdelingen: de afdelingen USA, AustraliŽ en Europa. De voorzitter van TSA Europe is thans tevens de voorzitter van de ESF. De TSA ziet als ťťn van haar belangrijkste taken: het stimuleren van het terugplaatsen van schildpadden in hun habitat en het kweken van met uitsterven bedreigde schildpadden en het ontwikkelen van zogenaamde ďassurance coloniesĒ, van waaruit mogelijk op termijn dieren kunnen worden gereÔntroduceerd. Zij heeft ondermeer een positie gekregen met betrekking tot in beslag genomen grote partijen schildpadden (zie site TSA, www.turtlesurvival.org ).

Daartoe zijn goede contacten met o.a. Hong Kong, Vietnam en Madagascar tot stand gebracht. Als blijkt dat in beslag genomen schildpadden niet meer terug te plaatsen zijn in de natuur, worden deze dieren ter plekke opgevangen en wordt de TSA ingeschakeld.

DE WERKWIJZE VAN DE ESF.

Bij de werkwijze wordt een onderscheid gemaakt tussen dieren aangeboden door de TSA en dieren welke opgevangen worden ten behoeve van LASER/ IBG.

ē

De werkwijze met betrekking tot TSA dieren.

Als blijkt dat dieren in het buitenland in beslag zijn genomen en dat deze niet meer in het wild kunnen worden teruggeplaatst, worden deze dieren veelal door plaatselijke Cites-bureauís en/of plaatselijke instellingen (o.a. dierentuinen) opgevangen, waarna de TSA wordt benaderd. Door de TSA wordt vervolgens Contact gelegd met de diverse continentale afdelingen om te bezien of de dieren in gevangenschap geplaatst kunnen worden. Deze beleidslijn van de TSA wordt gevolgd om te voorkomen dat anders grote groepen Ėal dan niet beschermde -dieren geeuthaniseerd moeten worden. Vanuit TSA Europe wordt eerst Contact gelegd met de EAZA. Als er zoveel dieren zijn dat ook de dierentuinen die niet meer kunnen plaatsen, wordt de ESF benaderd voor uitplaatsing bij particulieren. Zowel de ESF,  ls de particulieren dienen daartoe aan strikte eisen te voldoen, die door de TSA worden gesteld. Dit alles heeft grote aandacht van de ESF en alles wordt in het werk gesteld om deze unieke positie voor particulieren in Europa te behouden en uit te breiden. Aan de eisen die de TSA stelt wordt door de ESF strikt de hand gehouden, hetgeen ook wordt verwacht van potentiŽle verzorgers van deze dieren.

ē

De werkwijze van in Nederland in beslag genomen dieren

Zoals al is gemeld wil de ESF binnen haar doelstellingen en mogelijkheden een oplossing bieden aan LASER/IBG te Diemen ten aanzien van in Nederland in beslag genomen dieren. Gedacht kan hierbij enerzijds worden aan dieren, die op Schiphol, Zestienhoven of andere luchthavens, in de Rotterdamse havens of andere havens, over de weg of anderszins illegaal worden binnen gebracht. Anderzijds moet gedacht worden aan dieren die bij organisaties of particulieren in Nederland in beslag worden genomen. In deze situatie is er altijd sprake van opsporingsambtenaren, o.a. politie, douane/ KMAR (Koninklijke Marechaussee) en de Algemene Inspectie Dienst (AID www.aid.nl), die op beslissing van het Openbaar Ministerie (OM) bij monde van de Officier van Justitie (OVJ) dieren in beslag nemen. Dit gebeurt in afwachting van de resultaten van een onderzoek en eventueel een rechtszitting. Deze dieren hebben dus in eerste instantie een tijdelijk opvangadres nodig. Dit tijdelijke adres kan soms gelijk een definitief adres zijn of later worden. Dit is het geval als een eigenaar afstand doet van de IBG dieren of` de rechter beslist dat deze dieren niet naar de eigenaar terug mogen.

Hierbij is dus de strafwetgeving en/of de Wet Economische Delicten van toepassing. In dit geval is vrijwel altijd sprake van misdrijven.

In geval van tijdelijke opvang wordt eerst een bewaarder aangesteld en wordt de ESF later ingeschakeld. In het tweede geval wordt de ESF direct eigenaar van de dieren. Hiertoe is door LASER/IBG en de ESF een contract gesloten.

Een bewaarder dient aan andere strikte wettelijke eisen te voldoen. Als bewaarder treden veelal dierentuinen en opvangcentra op. De ESF treedt vooralsnog niet als bewaarder op. De ESF ontwikkelt als eigenaar contracten voor de opvang door verzorgers van enerzijds TSA dieren en anderzijds IBG dieren. Een voorbeeld van deze contracten met toelichting zal worden gepubliceerd op de ESF-website.

Juli 2004.
Mr. Ammy Zwaal, juridisch adviseur ESF.

Aangezien dit artikel in hoofdzaak is gericht op de Nederlandse situatie wordt geen Engelse samenvatting hierbij opgenomen.



<?xml:namespace prefix = o /><o:p></o:p>