Home Algemeen Agenda Gorzenklok Web-kapel Geschiedenis Kerkgebouw Vr.Stichting


APOCALYPSSCHILDERING     <=terug

Het meest spraakmakende kunstwerk in de Heilig Hartkerk is de beschildering door Wim Adolfs van de spitsvormige triomfboog boven het altaar. Deze fresco’s zijn gemaakt naar taferelen uit de Openbaring van Johannes (ook wel de ‘kleine Apocalyps’ genoemd). Eigenlijk was er een andere schildering, in 1927 ontworpen door Thomas Groenendaal, gepland om in de altaarnis te worden uitgevoerd. Deze zou komen boven het kruis, dus een stuk lager dan de huidige schildering. Een bisschoppelijke commissie van het Bisdom Haarlem (het bisdom Rotterdam bestond nog niet!) vond het ontwerp evenwel te modern, en verwees het naar de prullenmand.

Oorspronkelijk wilde Adolfs de kerk versieren met grote schilderingen, die echter voor de kerk te rijk uitgevoerd zouden zijn. In overleg met de pastoor Möller werd een nieuwe schildering ontworpen die meer bij de eenvoud van het gebouw paste, onder het motto “alleen eenvoud spreekt recht tot het hart”. Het doel van de schildering was het opwekken van devotie en godsdienstzin: het tafereel moest vooral “leerend” zijn en de stenen architectuur niet verstoren.

Adolfs heeft in 1930 een lezing gegeven over zijn schildering en eventuele toekomstige uitbreidingen. Een verslag van deze lezing, geïllustreerd met een foto van de werkzaamheden, kunt u vinden door te klikken op lezing Wim Adolfs 1930. Op deze pagina is ook een pasfoto van Adolfs opgenomen, tezamen met zijn personalia.



In 1929 maakte Adolfs een schets die dicht in de buurt komt van de huidige schildering. Enkele verschillen zijn: een veranderde volgorde van de 12 stammen van Israël, de aureolen van de 24 oudsten zijn verdwenen, de duif als symbool van de H.Geest is nooit geschilderd, in plaats daarvan zijn er 7 stralen, samengevoegd middels een aureool-cirkel, afgebeeld. Verder verloor het Lam het Vaandelkruis, dat de overwinning van Christus door het Evangelie uitbeeldt, evenals het vanuit de borst in een beker stromende bloed. (Dit tafereel staat voor het geslachte lam, dat weer verwijst naar de gekruisigde Christus.)

Gebruikte techniek
De fresco is uitgevoerd in een mooie techniek, waarbij delen geschilderd zijn op gepleisterde steen, en bij andere delen weer de stenen structuur tevoorschijn komt. De verfsoort is – in de woorden van de schilder – een weinig meer gebruikte duurzame verfsoort die eigenschappen van olieverf en waterverf in zich verenigt. De afbeeldingen doen naar vorm en stijl (van de figuren en de compositie) wat Byzantijns aan. Er is afgezien van een achtergrond bij de voorstellingen.

De schildering is onderverdeeld in 3 delen: bovenin het Hemelse Paradijs, rechts eronder de grote oorlog waarin het goede van het kwade wordt gescheiden, en links het kwaad dat wordt overwonnen.

Aangepaste kerkverlichting
Wegens bezuinigingen was de binnenzijde van de kerk bij de bouw uitgevoerd in bruine baksteen in plaats van de duurdere gele baksteen. Dit gaf de kerk een wat kille uitstraling. Om dit zoveel mogelijk weg te nemen was de kerk in de beginjaren voorzien van een geel stralende verlichting, waardoor het net leek alsof de muur de oorspronkelijk bedoelde gele kleur had en er zo een aangenamere sfeer werd gecreëerd. Om de kleuren van de schildering beter te laten uitkomen, werd in de jaren dertig overgestapt naar een witte verlichting. 

Onvoltooid
De schildering is niet voltooid. Zo ontbreken de namen en attributen onder de meesten van de 24 Oudsten. De voortzetting van de schildering in de altaarnis, waar een voorstelling van Christus met zijn bruid, de Heilige Kerk was voorzien (het vierde deel van de schildering), is nooit uitgevoerd. Hierdoor ontbreekt het onderstuk van de kruisvorm van de schildering. Adolfs had ook nog plannen om in de toekomst de schildering uit te breiden met de laatste drie (of alleen nummers 5 en 6; nr.7 is deels aanwezig) van de in totaal 7 teksten op de papyrusrol. Het bestaan van een ontwerp hiervoor is niet bekend.

In 1945 stierf Wim Adolfs in het kamp Neuengamme, waar hij door stom toeval terecht was gekomen. Ruim drie maanden voor zijn dood was hij in Putten, samen met vele mannelijke bewoners van deze plaats opgepakt, als represaillemaatregel voor een aanslag op Duitse militairen. Adolfs was echter geen Puttenaar, maar was voor de mis uit zijn woonplaats Ermelo gekomen. Omdat hij daar tijdens de oorlog, als goed katholiek, zijn zondagsplicht niet kon vervullen, ondernam hij die ochtend zijn fatale tocht naar Putten.



De symboliek van de schildering
In het begin van zijn openbaring beschrijft Johannes wat hij tijdens een visioen in de hemel ziet: een troon met daarop een schitterend persoon (God). Adolfs heeft God een tiaar of tiara gegeven, een spits hoofddeksel met 3 kronen en bovenop een kleine bal met een kruisje (de tiaar wordt normaliter uitsluitend door pausen gedragen. De drie kronen stellen dan voor: priester, leraar en koning). Deze voorstelling is grotendeels in wit uitgevoerd, de kleur van de eenheid.

Rond de troon zag Johannes een regenboog en 24 op tronen gezeten oudsten, gekleed in witte gewaden, met (zevenpuntige) gouden kronen op het hoofd, een citer (kleine harp) in de linkerhand en gouden schalen vol reukwerk (voorstellend de gebeden van de heiligen) in de rechterhand. De regenboog stelt de brug tussen hemel en aarde voor. Uit de regenboog komen bij elke figuur zeven witte stralen tevoorschijn. De regenboog wordt gezien als een verbond met god. De 7 kleuren staan voor de 7 sacramenten: doopsel (wit), vormsel (geel), eucharistie (groen), de biecht (rood), het sacrament der zieken (zwart), het priesterschap (paars) en het huwelijk (blauw).

Er bestaan verschillende theorieën over wie deze 24 oudsten zijn. Adolfs heeft gekozen om links de 12 apostelen af te beelden, en rechts de 12 zonen van Jakob (de 12 stammen van Israël). De 24 brengen eer aan het Lam en verheerlijken God. Geheel links (van links naar rechts): de apostelen Matthias, Judas Thaddeus, Simon, Jacobus de jongere, Mattheus, Bartholomeus, Thomas, Philippus, Johannes, Jacobus de oudere, Andreas en Petrus. De eerste zeven apostelen zijn nog voorzien van hun naam en symbolen. De overige apostelen, alsmede de zonen van Jacob heeft Adolfs niet meer van een naam en symbolen voorzien. Aan de rechterzijde zijn de 12 zonen van Jacob (Israël) geschilderd: Ruben, Simeon, Levi, Juda, Issakar, Jozef, Zebulon, Benjamin, Dan, Naftali, Gad en Asser. Alle zonen dragen een baard op één na: Jozef. Hij was door z’n broers verkocht aan handelaars en op een gegeven moment in Egypte terecht gekomen, alwaar hij onderkoning werd. Van Adolfs heeft Jozef een Egyptisch uiterlijk gekregen, lijkend op een farao (de zesde van links).

Rondom de troon bevinden zich 4 schepselen rechtsboven een adelaar (‘scherp gezichtsvermogen en wijsheid’), rechtsonder een leeuw (‘moed en gerechtigheid’), linksonder een jonge stier (‘kracht’) en het wezen linksboven lijkt op een mens (‘de afbeelding van de goddelijke liefde’). Dit zijn de vier engelen die de stoffelijke wereld vertegenwoordigen; vier is het getal van de kosmos. Hun gestalten geven uitdrukking aan het meest snelle, edele, sterke en wijze in de schepping. De vier wezens hebben elk 6 vleugels, die op de schildering uitgebeeld worden door de in groepjes van drie gebogen lijnen die van de wezens uitgaan. Overigens worden de 4 Evangelisten door dezelfde schepsels uitgedrukt: Marcus (leeuw), Lucas (stier), Mattheüs (engel), en Johannes (adelaar).

Vóór de troon branden zeven vurige fakkels dit zijn de zeven geesten Gods (het getal 7 staat in de bijbel voor ‘volkomenheid’) Hiermee zijn de 7 gaven van de H.Geest bedoeld, voorstellende de goddelijke attributen: enkelvoudigheid, onveranderlijkheid, eeuwigheid, onmetelijkheid, alomvertegenwoordigheid, oneindige volmaaktheid, almacht). En daaronder het Lam (Christus) met zeven horens en zeven ogen, die de zeven geesten Gods uitbeelden die uitgezonden zijn over de aarde. Adolfs heeft de heilige Drie-eenheid met 3 dunne cirkels uitgebeeld: de Vader (God), de Zoon (het Lam) en de heilige Geest (de zeven witte lichtstralen).
Het Lam staat op een gouden altaar met 4 horens op de hoeken, zoals beschreven in de openbaring van Johannes. deze horens waren gevuld met bloed. Misdadigers die zich daarmee konden besprenkelen, waren vrij. De golfjes onder het altaar staan voor de levensbron, waaruit de ‘goeden’ te drinken krijgen. Ook wordt er vaak de 4 Evangeliën mee aangeduid (het zich ‘laven’ aan de Schrift). In dat geval worden er dan meestal 4 stromen getekend die naar de 4 windstreken van de aarde stromen.

Het Lam breekt één voor één de zeven rode zegels van de papyrusrol die Gods plannen voor het einde der tijden bevat. Bij de verbreking van de eerste vier zegels verschijnen achter elkaar de vier ruiters van de Apocalyps, die de pest, oorlog, honger en dood over de wereld brengen. Het eerste verschijnt een witte ruiter “De Overwinnaar” op een wit paard. De ruiter draagt een wit gewaad, een kroon en heeft een boog in de hand. Deze figuur stelt Jezus voor, die uitrijdt om de overwinning van het evangelie te behalen en de goeden van de kwaden te scheiden. Om een en ander te benadrukken heeft Adolfs heeft op het witte gewaad vele keren de woorden ‘Rex regum dominus dominantium’ (Koning der koningen en heerser der heersers) geschilderd, en op de kroon staat het woord ‘logos’, grieks voor ‘rede’ of ‘het gesproken woord’. In deze context betekent het ‘het Woord Christus als vleesgeworden scheppende gedachte Gods’ (het Evangelie). Ten teken van zijn goddelijkheid heeft de witte ruiter een witte cirkel om het hoofd.

Na verbreking van het tweede zegel verschijnt een rode ruiter “De Oorlog” gezeten op een rood paard met een zwaard in de hand. Deze ruiter heeft de macht om de vrede van de aarde te nemen, zodat de mensen elkander zullen uitmoorden. De derde ruiter “De Hongersnood” is gekleed in het zwart en heeft een weegschaal in de hand, waarmee hij de handel doorgang laat vinden. Toen het vierde zegel verbroken werd, verscheen er een vaalgroen paard, bereden door “De Dood” en gevolgd door Hades (de verpersoonlijking van het dodenrijk, dat de doden verzwelgt).

De verbrekingen van het vijfde (onder het altaar verschijnen zielen van martelaren) en het zesde zegel (na hevig natuurgeweld verschijnt een ontelbare menigte die het Lam aanbidt) zijn niet door Adolfs afgebeeld. Als het zevende en laatste zegel wordt verbroken, verschijnen er zeven engelen met bazuinen. Na het blazen van deze bazuinen, wordt steeds een deel van de aarde verwoest en breken er plagen uit.

Bij het blazen van de zevende bazuin kwam er oorlog in de hemel en de duivel, in de gedaante van een draak met zeven koppen, tien horens en zeven kronen werd op de aarde geworpen. Adolfs heeft deze draak in het rood en vuurspuwend afgebeeld. Bij het schilderen van het aantal kronen heeft hij zich vergist; het zijn er tien, terwijl de bijbel spreekt over zeven kronen. Uit de zee (voorgesteld door zeven gegolfde lijntjes) kwam een ander beest tevoorschijn. Deze had eveneens zeven koppen, tien horens en (dit keer wel:) tien kronen. Het heeft het lijf van een luipaard, de poten van een beer en muilen van leeuwen, en één van zijn 7 koppen is dodelijk gewond (door Adolfs weeggegeven met veel bloed rond de bek en op de kop. Het beest heeft verder een zwart/blauwe kleur gekregen en twee grote vleugels). De rode draak geneest de gewonde kop van het beest uit de zee, en vele mensen zullen dit beest aanbidden.



Het derde afschrikwekkende wezen dat Adolfs schilderde is het beest dat uit de aarde tevoorschijn komt: het valse Lam. Het is afgebeeld met vervaarlijke rode kop en tanden en met het apocalyptisch getal op de kop: 666. Dit duivelsteken en andere aanwijzingen in de openbaring van Johannes zouden verwijzen naar Keizer Nero die na de grote brand van Rome in het jaar 64 de eerste grote Christenvervolging organiseerde. Dit beest doodt eenieder die hem niet wil aanbidden.



Na nog een aantal plagen, verschijnt tenslotte de engel “Michael” op aarde met in zijn hand de sleutel des afgronds en een grote keten (op de schildering links van de drie monsters). Hij sluit gedurende duizend jaren de draak op, waarna er een duizendjarig rijk aanbreekt zonder duivel. Na deze periode zal het laatste oordeel plaatsvinden. De afloop daarvan is bekend: de goeden zullen in de hemel verblijven en de slechten branden in het vagevuur.

<=terug